Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Terugbetaalbaar
Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.
Terugbetalingstarief
€ 2,00 (6% inclusief btw)
Verhoogde tegemoetkoming
€ 1,00 (6% inclusief btw)
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Neem contact op met ons via telefoon of e-mail, dan bekijken we samen de mogelijkheden.
Terugvinden herkomst Om het terugvinden van de herkomst van biologicals te verbeteren moeten de naam en het partijnummer van het toegediende product goed geregistreerd te worden. Overgevoeligheid Allergische overgevoeligheidsreacties zijn mogelijk met Jivi. Het geneesmiddel kan sporen van muizen‑ en hamstereiwitten bevatten. Overgevoeligheidsreacties kunnen ook verband houden met antilichamen tegen PEG (zie paragraaf 'Immuunrespons op polyethyleenglycol (PEG)'). Als er symptomen van overgevoeligheid optreden, dienen patiënten geadviseerd te worden om het gebruik van het geneesmiddel onmiddellijk te staken en contact op te nemen met hun arts. Patiënten dienen te worden geïnformeerd over de vroege verschijnselen van overgevoeligheidsreacties, waaronder galbulten, gegeneraliseerde urticaria, een beklemd gevoel op de borst, piepende ademhaling, hypotensie en anafylaxie. Er dient indien nodig een symptomatische behandeling voor overgevoeligheid te worden ingesteld. In geval van anafylaxie of shock dienen de geldende medische procedures voor behandeling daarvan te worden toegepast. Remmers De vorming van factor VIII‑neutraliserende antilichamen (remmers) is een bekende complicatie bij de behandeling van patiënten met hemofilie A. Deze remmers zijn gewoonlijk IgG‑immunoglobulinen gericht tegen de stollingsactiviteit van factor VIII, die worden gekwantificeerd in Bethesda‑eenheden (BE) per ml plasma met behulp van de aangepaste Bethesda‑assay. Het risico van remmerontwikkeling is gecorreleerd aan de ernst van de aandoening en aan de blootstelling aan factor VIII; dit risico is het grootst gedurende de eerste 50 dagen van blootstelling, maar blijft het hele leven bestaan, hoewel het risico klein is. In zeldzame gevallen ontwikkelen zich remmers na de eerste 50 dagen van blootstelling. De klinische relevantie van remmerontwikkeling is afhankelijk van de titer van de remmer. Bij lage remmertiters bestaat er minder risico op onvoldoende klinische respons dan bij hoge remmertiters. In het algemeen dienen alle patiënten die behandeld worden met stollingsfactor VIII‑producten nauwkeurig gecontroleerd te worden op het ontwikkelen van remmers door middel van geschikte klinische observaties en laboratoriumtesten. Als de verwachte plasmawaarden voor factor VIII‑activiteit niet worden bereikt, of als de bloeding niet met een geschikte dosis onder controle kan worden gebracht, dient er te worden getest op de aanwezigheid van factor VIII‑remmers. Bij patiënten met hoge concentraties remmers is behandeling met factor VIII mogelijk niet effectief en dienen andere therapeutische opties te worden overwogen. De behandeling van deze patiënten dient te worden geleid door artsen die ervaring hebben met hemofiliezorg en factor VIII‑remmers. Immuunrespons op polyethyleenglycol (PEG) Er is, hoofdzakelijk binnen de eerste 4 dagen van blootstelling, een met antilichamen tegen PEG geassocieerde klinische immuunrespons waargenomen, die zich manifesteerde als symptomen van acute overgevoeligheid en/of verlies van het geneesmiddeleffect. Lage FVIII‑niveaus na injectie zonder detecteerbare FVIII‑remmers wijzen erop dat het verlies van het geneesmiddeleffect waarschijnlijk het gevolg is van antilichamen tegen PEG; in dergelijke gevallen dient de behandeling met Jivi te worden gestaakt en dienen patiënten op een eerder effectief gebleken FVIII‑product te worden overgezet. In geval van klinisch vermoeden van verlies van het geneesmiddeleffect wordt aanbevolen om te testen op FVIII‑remmers en op recovery van factor VIII. Er werd een significante daling in het risico van een immuunrespons op PEG waargenomen naarmate de leeftijd toenam. Dit effect houdt mogelijk verband met een ontwikkelingsverandering in immuniteit en, hoewel het moeilijk te bepalen is wat de leeftijdsgrens is voor de verandering in het risico, treedt dit verschijnsel hoofdzakelijk op bij jonge kinderen met hemofilie. De implicaties van een potentieel risico voor getroffen patiënten met een overgevoeligheidsreactie op gepegyleerde eiwitten zijn onbekend. Gegevens tonen aan dat bij getroffen patiënten, na het stoppen met Jivi, de titer van anti‑PEG IgM‑antilichamen daalde en na verloop van tijd niet meer aantoonbaar werd. Er werd geen kruisreactiviteit tussen anti‑PEG IgM‑antilichamen en andere niet-gemodificeerde FVIII‑producten waargenomen. Alle patiënten konden succesvol worden behandeld met hun eerdere FVIII‑producten. Door de tijdelijke aard van deze immuunrespons en het verdwijnen van de anti‑PEG IgM‑antilichamen binnen 4‑6 weken kan het hervatten van de behandeling met Jivi overwogen worden, als de recovery genormaliseerd is (zie rubriek 4.2). Na het hervatten van de behandeling moeten patiënten gemonitord worden voor recovery. Afname van incrementele recovery van factor VIII Een geringe afname van recovery (recovery ongeveer 1 IE/dl per IE/kg) na het starten van de behandeling kan voornamelijk bij kinderen het gevolg zijn van een tijdelijke lage titer van anti‑PEG IgM‑antilichamen. In deze gevallen moet overwogen worden om de dosis of de doseringsfrequentie aan te passen tot de recovery genormaliseerd is. Het wordt aanbevolen om pediatrische patiënten te monitoren, waaronder controle van de FVIII‑activiteit na toediening van de dosis. Cardiovasculaire voorvallen Bij patiënten met bestaande risicofactoren voor hart‑ en vaataandoeningen kan substitutietherapie met factor VIII het risico op deze aandoeningen verhogen. Kathetergerelateerde complicaties Indien een centraal‑veneuze lijn moet worden gebruikt, dient rekening te worden gehouden met het risico van centraal‑veneuze lijn‑gerelateerde complicaties waaronder lokale infecties, bacteriëmie en trombose ter hoogte van de katheter. Pediatrische patiënten De vermelde waarschuwingen en voorzorgsmaatregelen zijn van toepassing op volwassenen, adolescenten en kinderen van 7 tot jonger dan 12 jaar. Jivi is niet geïndiceerd voor gebruik bij patiënten jonger dan 7 jaar en bij niet eerder behandelde patiënten. Informatie over hulpstoffen Natrium Dit geneesmiddel bevat minder dan 1 mmol natrium (23 mg) per dosis, d.w.z. in wezen 'natriumvrij'. Polysorbaat 80 (E 433) Dit geneesmiddel bevat 0,2 mg polysorbaat 80 per flacon van 250/500/1.000/2.000/3.000 IE en 0,4 mg polysorbaat 80 per flacon van 4.000 IE. Dit komt overeen met 0,08 mg/ml oplossing voor injectie. Polysorbaten kunnen allergische reacties veroorzaken.
Behandeling en preventie van bloedingen bij eerder behandelde patiënten (previously treated patients, PTP's) van 12 jaar en ouder met hemofilie A (aangeboren factor VIII-deficiëntie).
Jivi 250 IE poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Na reconstitutie met het bijgeleverde oplosmiddel bevat één ml oplossing ongeveer 100 IE (250 IE/2,5 ml) humane stollingsfactor VIII, damoctocog alfa pegol.
Jivi 500 IE poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Na reconstitutie met het bijgeleverde oplosmiddel bevat één ml oplossing ongeveer 200 IE (500 IE/2,5 ml) humane stollingsfactor VIII, damoctocog alfa pegol.
Jivi 1000 IE poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Na reconstitutie met het bijgeleverde oplosmiddel bevat één ml oplossing ongeveer 400 IE (1000 IE/2,5 ml) humane stollingsfactor VIII, damoctocog alfa pegol.
Jivi 2000 IE poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Na reconstitutie met het bijgeleverde oplosmiddel bevat één ml oplossing ongeveer 800 IE (2000 IE/2,5 ml) humane stollingsfactor VIII, damoctocog alfa pegol.
Jivi 3000 IE poeder en oplosmiddel voor oplossing voor injectie
Na reconstitutie met het bijgeleverde oplosmiddel bevat één ml oplossing ongeveer 1200 IE (3000 IE/2,5 ml) humane stollingsfactor VIII, damoctocog alfa pegol.
De sterkte in Internationale Eenheden (IE) wordt bepaald aan de hand van de chromogene assay van de Europese Farmacopee. De specifieke activiteit van Jivi is ongeveer 10.000 IE/mg eiwit.
De werkzame stof, damoctocog alfa pegol, is een locatiespecifiek gepegyleerd humane recombinant stollingsfactor VIII zonder B-domein, die wordt geproduceerd in de niercellen van zeer jonge hamsters, met een 60 kDa vertakte polyethyleenglycol(PEG)groep (twee 30 kDa PEG).
Er zijn geen interacties van producten met humane stollingsfactor VIII (rDNA) met andere geneesmiddelen gemeld.
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken. De meest ernstige bijwerkingen zijn allergische reacties of een ernstige allergische reactie. Stop onmiddellijk met de toediening van dit middel en neem direct contact op met uw arts als zich dergelijke reacties voordoen. De volgende verschijnselen kunnen een vroege waarschuwing zijn voor deze reacties: beklemming op de borst/algemeen gevoel van onbehagen een brandend en stekend gevoel op de injectieplaats netelroos, blozen een daling van de bloeddruk, waardoor u zich flauw kunt voelen bij het opstaan zich misselijk voelen Bij patiënten die eerder zijn behandeld met factor VIII (meer dan 150 behandelingsdagen) kunnen er zich soms remmende antilichamen (zie rubriek 2) vormen (bij minder dan 1 op de 100 patiënten). Als dit gebeurt, werkt uw geneesmiddel mogelijk niet meer goed en kunt u last krijgen van een aanhoudende bloeding. Neem onmiddellijk contact op met uw arts als dit gebeurt. De volgende bijwerkingen kunnen zich voordoen met dit geneesmiddel: Zeer vaak (komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers): hoofdpijn Vaak (komen voor bij minder dan 1 op de 10 gebruikers): pijn in de buik misselijkheid, braken koorts allergische reacties (kunnen zich uiten als galbulten, netelroos over het gehele lichaam, een beklemd gevoel op de borst, piepende ademhaling, kortademigheid, lage bloeddruk; zie hierboven voor vroege verschijnselen) lokale reacties op de plaats waar u het middel heeft geïnjecteerd, zoals bloeding onder de huid, hevige jeuk, zwelling, branderig gevoel, tijdelijke roodheid duizeligheid moeite met in slaap vallen hoesten huiduitslag, rood worden van de huid Soms (komen voor bij minder dan 1 op de 100 gebruikers): remming van bloedstollingsfactor VIII (FVIII-remming) veranderde smaakzin blozen jeuk Het melden van bijwerkingen Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor mogelijke bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via België Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten www.fagg.be Afdeling Vigilantie: Website: www.eenbijwerkingmelden.be e-mail: adr@fagg-afmps.be Nederland Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb Website: www.lareb.nl Door bijwerkingen te melden, kunt u ons helpen meer informatie te verkrijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
Wanneer mag u dit middel niet gebruiken? • U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6. • U bent allergisch voor muizen- of hamstereiwitten.
Zwangerschap en borstvoeding Er zijn geen studies met factor VIII uitgevoerd naar de voortplanting bij dieren. Vanwege het zeldzaam voorkomen van hemofilie A bij vrouwen is ervaring met het gebruik van factor VIII tijdens de zwangerschap en borstvoeding niet beschikbaar. Daarom dient factor VIII tijdens de zwangerschap en borstvoeding alleen te worden gebruikt als er een duidelijke indicatie voor is. Vruchtbaarheid In systemische toxiciteitsonderzoeken met herhaalde dosering bij ratten en konijnen met Jivi werden geen behandelingsgerelateerde effecten op de mannelijke voortplantingsorganen waargenomen (zie rubriek 5.3). Het effect op de vruchtbaarheid bij mensen is niet bekend.
De behandeling dient onder toezicht te staan van een arts die ervaring heeft met de behandeling van hemofilie.
Controle tijdens de behandeling
Aanbevolen wordt om gedurende de hele behandeling op geschikte wijze de factor VIII-niveaus te bepalen om te bevestigen dat toereikende FVIII-niveaus zijn bereikt. Individuele patiënten kunnen verschillend reageren op factor VIII met verschillende halfwaardetijden en opbrengsten (recoveries).
Dosering
De dosis en duur van de substitutietherapie hangen af van de ernst van de factor VIII-deficiëntie, van de plaats en omvang van de bloeding en van de klinische toestand van de patiënt.
| CNK | 3897469 |
|---|---|
| Organisaties | Bayer |
| Actieve ingrediënten | damoctocog alfa pegol |
| Behoud | Koelkast (2°C - 8°C) |