contactgegevens
APOTHEEK LANOO
Heidestraat 82a
3590 Diepenbeek
T. 011 33 19 11
pascale.lanoo@telenet.be
› Wratten

Hoe merk ik het?

  • Ronde verdikkingen in de huid, scherp afgegrensd van de omgeving
  • één millimeter tot één centimeter groot, soms samenvloeiend tot grotere oppervlakken
  • Ruw oppervlak, soms ook bloemkoolachtig.
  • Vooral voorkomend op handen, knieën, voetzolen
  • Pijnloos, maar op drukpunten (voetzool) wel pijn veroorzakend

Hoe werkt het?

Wratten zijn gezwelletjes in de huid, rond, met een doorsnede van één tot tien millimeter. Ze hebben een wat ruw oppervlak. Soms groeit een aantal wratten samen tot een groter geheel. Wratten zien we meestal aan de handen, knieën, soms ook in het gelaat en onder de voetzolen, maar ze kunnen overal voorkomen. Ze komen het meest voor bij kinderen, maar ook bij volwassenen zijn ze niet zeldzaam. Wratten onder de voetzolen (verrucae plantares) zijn vaak bedekt met en omgeven door een eeltlaag. Ze zijn dan vaak herkenbaar als een groepje donkere puntjes in de huid. Wratten zijn in principe pijnloos. Door hun lokalisatie kunnen ze soms wel pijn veroorzaken: wratten onder de voetzool, vooral onder de hak en de bal van de voet vormen met het omgevende eelt een knobbel die erg pijnlijk kan zijn als men erop staat.

Hoe ontstaat het?

Wratten ontstaan als gevolg van besmetting met een virus, het Humaan Papilloma Virus, type 1 en 2. Door direct contact kan het van de een aan de ander doorgegeven worden. Geleidelijk aan ontwikkelt men weerstand tegen het virus. Dat is de reden dat de meeste wratten na verloop van tijd (meestal na een jaar of twee) spontaan verdwijnen. Ook is dat de reden dat men wratten vaker ziet bij kinderen: de meeste volwassenen hebben immers al weerstand opgebouwd.

Hoe ga ik er zelf mee om?

Wratten zijn onschuldig, (meestal) niet pijnlijk en ze verdwijnen vrijwel altijd spontaan. Men zou dus dit moment van verdwijnen rustig kunnen afwachten. Toch willen veel mensen eraan behandeld worden. Vooral om cosmetische redenen, om sociaal isolement te voorkomen (wratten zijn "vies") en soms vanwege de pijnklachten (vooral bij voetwratten). Er zijn verschillende behandelmethoden. Ze zijn alle bewerkelijk en succes is bij geen der methoden gegarandeerd. Bij de apotheek kunt u een flesje salicylcollodium 20 procent kopen. Hiermee stipt u de wrat dagelijks aan, bijvoorbeeld met de achterkant van en lucifer. Eventueel de omgevende huid beschermen met wat vaseline. U laat het drogen en plakt de wrat af met een pleister. Na verloop van tijd de verweekte bovenlaag van de wrat afkrabben en zo doorgaan tot de wrat verdwenen is. In de plaats van salicylcollodium kan men een zalf gebruiken: salicyl 40 procent in vaseline. Vooral voor voetwratten is deze zalf geschikt. Men knipt of ponst een gat ter grootte van de wrat in een pleister en plakt die over de wrat. Op het gat wordt de zalf aangebracht en daarover een nieuwe pleister. De bovenlaag van de wrat en het eelt zal na enkele dagen verweken en kan weggekrabd worden. De pijnlijke knobbel wordt daardoor steeds dunner en minder pijnlijk. Uiteindelijk bereikt men de kern van de wrat, maar dat kan soms enkele maanden duren.

Hoe gaat de arts er mee om?

Een alternatief is de wratten aan te stippen met vloeibare stikstof. Door de zeer koude verdampende stikstof ontstaat een blaar waardoor de wrat loslaat van de onderlaag. Vaak moet deze procedure een aantal malen herhaald worden. Geheel pijnloos is de behandeling niet. Voor voetwratten is deze methode minder geschikt omdat de huid van de voetzool zò dik is dat de koude de kern van de wrat niet bereikt. De meeste huisartsen houden regelmatig een "wrattenspreekuur" waarop wratten aangestipt worden.

Wetenschappelijk nieuws

Kinderen lopen wratten meestal niet op in het zwembad of de gymzaal, maar eerder in het gezin of de schoolklas. Dat blijkt uit het onderzoek van huisarts Sjoerd Bruggink, die op 25 september promoveerde aan het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Behandeling met stikstof werkt het beste bij wratten op de handSjoerd Bruggink onderzocht 1.500 basisschoolleerlingen, van wie eenderde wratten bleek te hebben. Wratten kwamen het meest voor bij oudere kinderen met een blanke huid. Een inventarisatie van risicofactoren – aanwezigheid van wratten bij andere gezinsleden, bezoek aan zwembaden, sportzalen enzovoorts - suggereert dat besmetting vooral optreedt in het gezin en op school, en minder in openbare gelegenheden zoals het zwembad. “Dat heeft te maken met de hoeveelheid tijd die kinderen daar doorbrengen”, vermoedt Bruggink. Dat preventieve maatregelen zoals het dragen van slippers zich nu vooral op openbare gelegenheden richten, is volgens hem dan ook onterecht. Bruggink onderzocht binnen zijn promotieonderzoek ook welke behandeling van wratten de beste resultaten geeft. “Hoewel wratten heel veel voorkomen, was er nog weinig bekend over de optimale behandeling”, merkt Bruggink op. “Dat geldt wel voor meer ‘kleine kwalen’. Er wordt te weinig geld en tijd aan onderzoek naar zulke kwalen besteed”, vindt Bruggink, die tegenwoordig als huisarts in Nieuw-Zeeland werkt. Hij voerde twee randomized-controlled trials (RCT’s) uit: studies waarbij het lot toewijst wie een behandeling ondergaat en wie in de controlegroep terechtkomt. “Bij volwassenen zijn voetzoolwratten erg hardnekkig, terwijl ze bij kinderen gelukkig meestal vanzelf snel verdwijnen.” Daaruit bleek dat bij handwratten een behandeling met stikstof het effectiefst is, terwijl internationale richtlijnen regelmatig aanstippen met salicylzuur als eerste-keus-behandeling noemen. Voor voetwratten werken zowel salicylzuur als stikstof niet: afwachten geeft dezelfde resultaten. “Bij volwassenen zijn voetzoolwratten erg hardnekkig, terwijl ze bij kinderen gelukkig meestal vanzelf snel verdwijnen.” Bruggink toonde aan dat een minder bekende behandeling met monochloorazijnzuur wél werkzaam is bij de helft van de patiënten met voetzoolwratten. De boosdoener achter wratten is een HPV-virus, of eigenlijk: een groep van twintig virussen uit de HPV-familie. Samen met dermatologen en virologen in het LUMC ontwikkelde Bruggink een geheel nieuwe test om te testen welk HPV-virus verantwoordelijk is voor een bepaalde wrat. “Voor onze test hoef je alleen maar een uitstrijkje te maken van een wrat, terwijl je vroeger echt een stukje wrat moest wegsnijden.” Zo’n 80 procent van de wratten bleek veroorzaakt door HPV1 óf door HPV2, HPV27 of HPV57. Die laatste drie virussen lijken erg op elkaar en kwamen het meest voor. Zij bleken ook het moeilijkst te behandelen: HPV1-wratten genezen acht keer zo snel. “Mogelijk kunnen patiënten daar in de toekomst nog iets aan hebben: als een huisarts ziet dat het om een HPV1-wrat gaat, kan een behandeling achterwege blijven.” Wratten zijn eeltachtige knobbeltjes op de huid, veroorzaakt door een HPV-virus. Ze komen vooral vaak voor bij kinderen. Hoewel wratten niet gevaarlijk zijn, kunnen ze wel pijnklachten geven en ontsieren. Zo’n 6 procent van de kinderen onder de twaalf en 2 procent van de totale bevolking komt jaarlijks met wratten bij de huisarts. De meeste wratten verdwijnen vanzelf zodra het lichaam voldoende antistoffen tegen het virus heeft aangemaakt. Als één wrat verdwijnt, zullen eventuele andere exemplaren daarom vaak ook verdwijnen.

HPV