contactgegevens
APOTHEEK LANOO
Heidestraat 82a
3590 Diepenbeek
T. 011 33 19 11
pascale.lanoo@telenet.be
› Verzakking

Hoe merk ik het?

  • Een zeurende pijn in de onderbuik en -rug
  • Gevoel of er iets naar buiten puilt

Hoe werkt het?

Onder in het bekken van de vrouw liggen drie organen. Vooraan de blaas, daarachter de baarmoeder, achteraan de endeldarm. Deze organen rusten op de bekkenbodem, wat eigenlijk een heel vernuftig opgebouwde spier is. Dwars door de bekkenbodem heen hebben die organen elk een verbinding met de buitenwereld. De blaas via de plasbuis, de endeldarm door de anus en de baarmoeder via de vagina. De bekkenbodemspier kan deze verbindingen gesloten houden, waardoor we de plas en de ontlasting kunnen ophouden. Desgewenst kunnen we een deel van de bekkenbodem ontspannen waardoor we kunnen plassen of ontlasting kunnen hebben. Als een vrouw een kind baart opent de bekkenbodem zich maximaal, waardoor een kinderhoofdje met een doorsnede van dertien centimeter kan passeren. Na de bevalling sluit de bekkenbodem zich weer, zodat plas en ontlasting weer gewoon opgehouden kunnen worden. In de loop van het leven kan het gebeuren dat één of meer van de bekkenorganen van hun plaats komen en gaan uithangen in de vagina of zelfs uit de vagina naar buiten. Als dat gebeurt spreekt men van een verzakking. Een verzakking van de blaas noemt men een cystocèle. De blaas kantelt dan wat naar achteren, de vagina in. Meestal geeft dat geen klachten, soms ontstaan problemen met het ophouden van de plas. Zakt de blaas verder, dan kan deze door de vagina naar buiten uitstulpen. Bij een verzakking van de baarmoeder zakt deze naar beneden in de vagina. Soms zover dat de baarmoedermond in de ingang van de vagina zichtbaar is. Het kan zelfs gebeuren dat de baarmoeder voor een deel naar buiten hangt. Een verzakking van de baarmoeder veroorzaakt meestal een zeurende pijn in de onderbuik en -rug. Een verzakking van de endeldarm noemt men een rectocèle. De voorwand van de endeldarm puilt uit in de achterwand van de vagina. Dat kan problemen geven bij de ontlasting, doordat in het uitpuilende deel van de darmen ontlasting achterblijft

Hoe ontstaat het?

Een verzakking ontstaat doordat de bekkenbodem verzwakt is en de banden die de bekkenorganen op hun plaats houden uitgerekt zijn. Meestal doordat de bekkenbodemweefsels bij een bevalling zover zijn uitgerekt dat zij zich niet meer in de oorspronkelijke staat kunnen herstellen. Dat kan gebeuren na de geboorte van een groot kind of na een kunstverlossing (bevalling met de tang of met een vacuumextractor) of als een vrouw meerdere kinderen gehad heeft. Na de overgang worden de weefsels in de bekkenbodem zwakker door het verdwijnen van de vrouwelijke geslachtshormonen.

Hoe ga ik er zelf mee om?

Je kunt proberen met bekkenbodemoefeningen (alleen of met de hulp van een gespecialiseerde fysiotherapeut) de bekkenbodemspier te versterken. Dat heeft echter lang niet altijd het gewenste effect, omdat de uitgerekte bindweefsels er niet door herstellen.

Hoe gaat de arts er mee om?

Door onderzoek met een eendenbekspeculum kan de arts een verzakking eenvoudig vaststellen. De behandeling is meestal chirurgisch. Bij een blaasverzakking wordt via een vaginale operatie de voorwand van de vagina verstevigd, waardoor de blaas niet meer kan uitzakken. Bij een endeldarmverzakking gebeurt hetzelfde met de vagina achterwand. Bij een baarmoederverzakking wordt meestal de baarmoeder verwijderd, waarna de top van de vagina wordt vastgehecht aan de banden in de bekkenbodem. Als een operatie niet wenselijk is, bijvoorbeeld wegens gevorderde leeftijd, kan een ring worden geplaatst in de vagina. Door zijn positie houdt deze de uitgerekte bekkenbodemweefsels op spanning, waardoor de uitgezakte organen op hun plaats gehouden worden. Een ring moet regelmatig gereinigd worden. Een nadeel van de ring is dat deze beschadiging kan veroorzaken van het slijmvlies van de vagina.

Wetenschappelijk nieuws

Verzakkingen bij vrouwen geven nare klachten, zoals pijn en incontinentie. Helaas is er nog geen afdoende behandeling. De synthetische matjes die tot nu toe nog worden gebruikt, blijken veel klachten te geven. Gynaecoloog Manon Kerkhof wil weten of oplosbare matjes, bezet met stamcellen die nieuw bindweefsel kunnen laten groeien, een betere oplossing kunnen zijn. Daarvoor deed zij vergelijkend weefselonderzoek bij vrouwen met, en vrouwen zonder een verzakking. Kerkhof promoveert op dat onderzoek, op 16 september bij VUmc. Tenminste één op de tien westerse vrouwen wordt op enig moment in haar leven geopereerd vanwege een verzakking. Tijdens zo'n verzakking worden blaas, baarmoeder of darmen niet goed meer op hun plek gehouden door het bindweefsel rond de vagina. Klachten als pijn, incontinentie of juist verstopping kunnen het gevolg zijn. Er is weinig bekend over de onderliggende oorzaken. Er zijn wel risicofactoren bekend, zoals bevallingen of het optreden van verzakkingen in de familie. Er is nog geen adequate behandeling. Een derde van de vrouwen die wordt geopereerd vanwege een verzakking moet een keer opnieuw worden geopereerd vanwege terugkerende klachten. Het promotieonderzoek van gynaecoloog Manon Kerkhof is een belangrijke eerste stap in de zoektocht naar een betere behandeling van verzakkingen. Omdat de synthetische matjes die nu nog worden gebruikt, op de nodige bezwaren stuiten, zou het antwoord wellicht kunnen worden gezocht in een oplosbare mat die als een soort 'mal' wordt gebruikt om met stamcellen nieuw bindweefsel te laten groeien. Het liefst zou je zo'n oplosbare mat 'zaaien' met eigen stamcellen om afstotingsreacties te voorkomen. Maar daarvoor moet je wel weten of er geen genetisch (intrinsiek) defect zit in de cellen van vrouwen met een verzakking. Om die vraag te beantwoorden vergeleek Kerkhof het weefsel van vrouwen met en vrouwen zonder een verzakking, en ook het verzakte en het niet verzakte weefsel van patiënten. Kerkhof vond geen verschillen tussen het niet verzakte weefsel van patiënten en hetzelfde weefsel van gezonde controlepersonen. Anders gezegd: er lijken geen 'intrinsieke' defecten in het weefsel zelf te zitten die maken dat bepaalde vrouwen gevoeliger zijn voor een verzakking. Zij vond wel verschillen tussen verzakt en niet verzakt weefsel, afkomstig van dezelfde patiënten. Die verschillen lijken dan ook het gevolg te zijn van de verzakking, en niet de oorzaak. Omdat er geen sprake lijkt te zijn van een intrinsiek defect in het vaginaweefsel van de vrouwen met een verzakking, suggereert dit onderzoek dat gebruik van de eigen stamcellen van de patiënt mogelijk is. Dat brengt behandeling met behulp van een oplosbare mat die als een soort 'mal' wordt gebruikt om met stamcellen nieuw bindweefsel te laten groeien, een stap dichterbij.