contactgegevens
APOTHEEK LANOO
Heidestraat 82a
3590 Diepenbeek
T. 011 33 19 11
pascale.lanoo@telenet.be
› Gescheurde meniscus

Hoe merk ik het?

  • In het algemeen acute pijn in de knie na een draaibeweging
  • Soms met op slot gaan zitten van de knie en/of met zwelling van de knie

Hoe werkt het?

Een meniscus is een vezelige, elastische kraakbeenring in de vorm van de letter C. De knie bevat twee menisci, de binnen- en buitenmeniscus. De menisci bevinden zich tussen boven- en onderbeen en vangen het gewicht op dat op het onderbeen rust en absorberen de schokken tijdens lopen en springen. Door de elasticiteit past de vorm zich voortdurend aan aan de stand van de knie. De buitenrand van een meniscus zit vast aan het kniekapsel. Vooral bij de binnenmeniscus is deze verbinding stevig. De binnenmeniscus scheurt daarom gemakkelijker dan de buitenmeniscus. Beschadiging van een meniscus veroorzaakt in het algemeen een plotselinge, aan de binnen- of buitenzijde van de knie gelokaliseerde pijn. Vochtophoping kan optreden, vaak de volgende dag, maar is niet altijd uitgesproken. Soms is er ook een gevoel van instabiliteit in de knie, een gevoel van doorzakken of dat er in de knie iets verspringt. Bij scheuren van de meniscus waarbij het loshangende fragment klem komt te zitten tussen boven- en onderbeen kan de knie blokkeren, "op slot" gaan zitten. De knie kan dan niet meer worden bewogen of niet meer worden gestrekt. De pijnklachten na een meniscusletsel nemen na verloop van tijd gewoonlijk af maar kunnen weer terugkomen tijdens bepaalde bewegingen of activiteiten. Een op- en afgaand klachtenpatroon komt dan ook regelmatig voor na een beschadiging van een meniscus.

Hoe ontstaat het?

Een meniscusscheur ontstaan meestal door een krachtige draai van het bovenlichaam waarbij de voet en het onderbeen blijven staan. Het is een typische sportblessure die nogal eens voorkomt bij voetballers, vandaar de naam "voetbalknie". Ook een draaibeweging tijdens hurken of plotseling en ongecontroleerd overeind komen uit hurkzit kunnen een beschadiging van de meniscus veroorzaken evenals het met het been overstrekt neerkomen na een sprong. Niet altijd is er sprake van een verkeerde beweging of ongeval. Scheuren in een meniscus kunnen ook geleidelijk ontstaan door veroudering.

Hoe ga ik er zelf mee om?

Bij het vermoeden op een beschadigde meniscus is een aantal dagen rust voor de betreffende knie aan te raden. Afhankelijk van de ernst van de klachten kunnen bij het lopen elleboogskrukken worden gebruikt. Als pijnstiller is paracetamol een goede keus. Omdat de dijbeenspier door de rust snel in kracht achteruitgaat en een goed functionerende dijbeenspier van groot belang is voor het herstel van de knie zijn spierversterkende oefeningen zinvol. Een eenvoudige oefening, waarbij de knie en menisci zelf niet belast worden, is die waarbij in zittende of liggende houding het been gestrekt wordt geheven. Doe dit ongeveer een minuut per keer en meerdere malen per dag. De oefening kan verzwaard worden door de tijd te verlengen of door een gewicht aan het onderbeen te hangen. De knie mag, zodra de pijn dat toelaat, langzaam maar zeker weer worden belast. Als de pijn en de zwelling verder afnemen kan de belasting worden opgevoerd bijvoorbeeld door te gaan fietsen of wandelen.

Hoe gaat de arts er mee om?

In het algemeen zal uw huisarts bovenstaand beleid adviseren bij de verdenking op een meniscusletsel. Een snelle verwijzing naar een orthopedisch chirurg is alleen noodzakelijk bij een blijvende slotstand van de knie. In alle andere gevallen is korte tijd rust en daarna geleidelijk opvoeren van de belasting een goede richtlijn. Eventueel kan daarbij de hulp van een fysiotherapeut worden ingeschakeld. Spontaan herstel in de loop van weken en daarmee verdwijnen van de klachten is op deze manier goed mogelijk. Indien de klachten echter hinderlijk blijven bestaan zal op een later tijdstip verwijzing naar een orthopedisch chirurg toch ter sprake komen. Deze zal bij het eveneens vermoeden op een meniscusletsel waarschijnlijk een arthroscopie verrichten.

Wetenschappelijk nieuws

Al op betrekkelijk jonge leeftijd is te zien of iemand met knieklachten een verhoogde kans heeft om later knieartrose te ontwikkelen. Onder meer mensen met een meniscusletsel of een gescheurde kruisband lopen risico, blijkt uit promotie-onderzoek van Kasper Huétink (Orthopaedie en Radiologie). Hij verwacht dat deze patiëntengroep zou kunnen profiteren van specifieke trainingstherapie. Meniscusletsel of een gescheurde kruisband geven een verhoogd risico op knieartroseRond 1997 deden drie medische centra, waaronder het LUMC, onderzoek aan mensen met knieklachten. De vraag was of een kijkoperatie aanvullende informatie geeft als er een MRI-scan is gemaakt; MRI was in die tijd een nieuwe beeldvormingstechniek en men wist nog niet of een arts er genoeg aan had om een diagnose te stellen. Van de deelnemende mensen werd een groot aantal gegevens vastgelegd. Tien jaar later wilde Kasper Huétink weten wie van de mensen van toen knieartrose had ontwikkeld en hoe dat samenhing met hun vroegere medische gegevens, oftewel: wat zijn risicofactoren? Huétink is thans deeltijdonderzoeker bij de afdeling Orthopaedie van het LUMC en daarnaast arts in het Spine & Joint Centre in Rotterdam. Artrose kan ontstaan op de overgang tussen twee botten in een gewricht, zoals de knie. Huétink: “Het kraakbeen dat de botuiteinden bekleedt is dan deels verdwenen en er is botwoekering.” Uit de patiënten van weleer (indertijd gemiddeld 32 jaar) selecteerde hij de mensen die toen minimaal een maand pijnlijke of stijve knieën hadden, maar geen acute symptomen zoals een knie die op slot zat. “Op röntgenfoto’s en MRI was toen geen artrose te zien”, zegt hij. Uit metingen tien jaar later blijkt dat veel van deze mensen (nu gemiddeld 42 jaar oud) op de MRI regelmatig artrotische afwijkingen hebben en dat hun knieën gemiddeld wat minder goed functioneren dan die van leeftijdgenoten. Maar er is geen directe relatie tussen het MRI-beeld en de klachten: zo zijn er mensen met veel kraakbeenverlies die toch geen pijn hebben en geen moeite met bewegen. Veel mensen uit de groep hadden indertijd een scheur in een meniscus en waren daaraan geopereerd. “Bij een scheur hangt er een flapje los dat ergens tussen kan raken en problemen kan veroorzaken. Daarom haalt de arts het vaak weg. De resultaten uit ons onderzoek laten zien dat zo’n operatie het ontstaan van artrose op langere termijn niet voorkomt én dat de knie in het dagelijks leven niet veel beter functioneert; alleen op sportniveau laten sommige tests iets betere uitkomsten zien. De vraag is dus of zo’n meniscusoperatie altijd zinvol is. Er lopen momenteel grote klinische trials om dat te onderzoeken.” Een gescheurde kruisband en een gescheurde meniscus op jonge leeftijd blijken de kans op knieartrose later te verhogen. “Waarschijnlijk beschadigt het kraakbeen doordat mensen met zo’n letsel de knie anders gaan belasten”, zegt Huétink. “Ook jonge mensen die zwaar zijn lopen een verhoogd risico. Daarbij zal met name de grote belasting een rol spelen, maar mogelijk ook de afwijkende stofwisseling die met overgewicht gepaard gaat.” Daarnaast doet de erfelijke aanleg ertoe. “Het kraakbeen wordt gedurende het leven onderhouden, zodat het gezond blijft. Maar er zijn bepaalde genetische variaties bekend waarmee dat onderhoud minder goed lukt, en in combinatie met knieletsel vergroot dat de kans dat er kraakbeen verdwijnt.” Deze risicofactoren waren bekend, maar nieuw is dat ze op jonge leeftijd al aantoonbaar zijn. Huétink raadt dan ook aan om jonge mensen met langdurige knieklachten op deze risicofactoren te beoordelen. Als ze een verhoogd risico lopen, dan kunnen bijvoorbeeld intensieve fysiotherapeutische trainingsprogramma’s helpen voorkómen dat artroseklachten het dagelijks functioneren ernstig gaan belemmeren, verwacht hij: “Goed bewegen zet zoden aan de dijk.”